Behind the numbers #5: Haarlemmermeer heeft een werkgelegenheidsquote van 170

Door Fianne de Boer

Veel media, bestuurders, beleidsmedewerkers en anderen zijn dol op cijfers. Bij Blaauwberg zijn we dat ook, maar we weten ook dat een cijfer zonder duiding weinig betekent. In deze reeks gaan we op zoek naar het verhaal achter de cijfers.

Deze keer: Haarlemmermeer heeft de meeste banen per 100 leden beroepsbevolking: 170

In deze editie de volgende parameter die we bij Blaauwberg veel gebruiken bij het vergelijken van regio’s: de werkgelegenheidsquote. Er zijn verschillende methoden die je kunt gebruiken om dit uit te drukken, wij gebruiken meestal het aantal banen per 100 leden beroepsbevolking. Het verhaal dat genoeg werk in je gemeente of wijk hebben, belangrijk is, komt meestal wel aan. Maar wat drukt dat cijfer, die “quote” precies uit? En, waar zit het meeste werk en hoe heeft zich dat ontwikkeld?

Eerst de basics, wat moeten we van dit cijfer weten:

  1. De aard van het cijfer: is dit een absoluut cijfer, een indexcijfer, een percentage of iets anders? Hoe is het berekend?
  2. De definitie van de begrippen die het cijfer omschrijven: is er maar één mogelijke uitleg of kun je dat beter even controleren?
  3. De bron van het cijfer: waar komt het vandaan? Uit welk jaar? Is het een opiniepeiling of gaat het om feitelijke cijfers?

Het woord quote kan nogal wat verschillende dingen betekenen, maar hier drukt het een verhouding tussen twee getallen uit. Het wordt berekend door het aantal banen te delen door de beroepsbevolking.

Het aantal banen wordt gelijkgesteld aan het aantal werkzame personen. Daaronder wordt verstaan: “arbeidskracht die beroepsmatig (een) betaalde activiteit(en) verricht op of vanuit de vestiging: meewerkende ondernemer/eigenaar (directeur, bedrijfshoofd), meewerkend gezinslid, zelfstandig beroepsbeoefenaar, werknemer, uitzendkracht”. Deze definitie, en het bijbehorende cijfer, is afkomstig uit de werkgelegenheidsregister van LISA, waarin dit cijfer per bedrijfsvestiging wordt bijgehouden. Er is geen minimum voor het aantal uren dat iemand moet werken. Eén persoon kan in deze telling meerdere banen hebben (als dit bij verschillende vestigingen/bedrijven is), maar één baan kan niet worden vervuld door meerdere personen.

De beroepsbevolking is afkomstig van de Enquête Beroepsbevolking van het CBS en wordt gedefinieerd als: “personen [in de leeftijd 15-75 jaar] die betaald werk hebben (werkzame beroepsbevolking), of die geen betaald werk hebben, recent naar betaald werk hebben gezocht en daarvoor direct beschikbaar zijn (werkloze beroepsbevolking).” Belangrijk: de beroepsbevolking in een regio gaat over de mensen die daar wonen, niet die daar werken (dat zijn de banen).

Beide van bovenstaande getallen brengen een zekere onzekerheidsmarge met zich mee en worden hier daarom afgerond op duizendtallen. De cijfers hebben betrekking op het jaar 2022 – de meest recente telling.

De werkgelegenheidsquote komt er dus op neer dat je kijkt hoeveel mensen er in een bepaalde regio werkzaam zijn en dat vergelijkt met hoeveel mensen er daar wonen die je tot de beroepsbevolking kunt rekenen. De keuze om te rekenen met banen per 100 leden beroepsbevolking in plaats van, bijvoorbeeld, per 1, 10 of 1.000 (of 734), is vrij arbitrair. Het is gewoon makkelijk om 100 aan te houden, zodat je niet achter de komma hoeft te kijken of hele grote cijfers hoeft te gebruiken.

De gemeente met de hoogste werkgelegenheidsquote is Haarlemmermeer, met 170 banen per 100 leden beroepsbevolking.

Gemeentelijke verdeling

De werkgelegenheidsquote kan per gemeente erg verschillen. Sommige gemeenten hebben meer banen dan het aantal werkende mensen dat daar woont (en/of kan wonen), zij hebben een werkgelegenheidsquote boven de 100. Mensen uit nabije gemeenten reizen voor hun werk naar die “werkgemeenten”. Aan de andere kant zijn er gemeenten die voor het werk van hun bewoners afhankelijk zijn van andere gemeenten, die kun je zien als “woongemeenten”, met een werkgelegenheidsquote van onder de 100. Het blijft natuurlijk een statistische benadering. Het is niet zo dat in een gemeente met een werkgelegenheidsquote van precies 100, ook iedereen die daar woont, daar werkt; er is sprake van een uitwisseling van werkenden tussen gemeenten. 

In de kaart hiernaast zie je waar in Nederland de meeste en de minste werkgelegenheid is. De grijze gebieden zijn gemeenten met een beroepsbevolking van minder dan 10.000, die tellen hier om statistische redenen niet mee. Verder geldt, hoe donkerder het gebied, hoe meer werkgelegenheid.

Gemeenten met een quote boven de 100 zijn overwegend grote steden (Amsterdam, Utrecht, Den Bosch, Groningen) en steden met een centrumfunctie voor omliggende gebieden (Goes, Zwolle, Heerenveen, Heerlen).

Een uitzondering is Zuidoost Brabant, het Brainport gebied. Niet alleen centrumstad Eindhoven, maar ook Son en Breugel, Veldhoven en Bladel behoren tot de top gemeenten qua werkgelegenheidsquote.

Waarom heeft Haarlemmermeer eigenlijk de grootste werkgelegenheidsquote? Tip:

Arbeidsmarktregio’s

Als je het land in iets grotere stukken opdeelt, zoals in arbeidsmarktregio’s, zie je nog steeds sterke verschillen. In de grafiek hieronder zie je op de x-as de beroepsbevolking en op de y-as het aantal banen. Elk punt is één van de 35 arbeidsmarktregio’s, de lijn die de grafiek doorkruist geeft 100 banen per 100 leden beroepsbevolking aan. Je ziet dat slechts vier regio’s een werkgelegenheidsquote van meer dan 100 hebben. De regio Groot-Amsterdam springt eruit met veruit de meest banen en de hoogste quote (131). Rijnmond komt op de tweede plek zowel qua beroepsbevolking als qua banen, maar de verhouding daartussen valt met een werkgelegenheidsquote van 91 in de middenmoot. Het veel kleinere Zuidoost-Brabant doet het wat dat betreft beter (113). De arbeidsmarktregio met relatief de minste werkgelegenheid is Zuid-Holland Centraal (70).

Sectoren over tijd

Het werk concentreert zich dus op bepaalde plekken. Maar geldt dit ook voor bepaalde sectoren? In onderstaande cirkeldiagrammen zie je de verdeling van banen in Nederland naar de zes hoofdbranches volgens de SBI-2008 indeling, in 2001 en in 2022. Je ziet dat in twintig jaar de werkgelegenheid steeds meer verschuift van het klassieke ‘productie werk’ in de handel, industrie en landbouw naar de dienstverlening. Denk hierbij aan beroepen in de zorg (collectieve dienstverlening), juridisch adviseurs (zakelijke dienstverlening) of schoonheidsspecialisten (overige dienstverlening).

Fun fact

Als ik heel eerlijk ben, is de gemeente met de grootste werkgelegenheidsquote niet Haarlemmermeer, maar Ouder-Amstel, met een indrukwekkende quote van 216. Ik heb ze hier niet meegeteld, omdat ze een beroepsbevolking van afgerond 8.000 mensen hebben (het hele dorp is 14.500 mensen), waardoor het met het afronden wel een erg ruwe schatting wordt. Toch hebben ze ruim 17.000 banen. Net als in Haarlemmermeer komt 60% daarvan voor rekening van de zakelijke dienstverlening. Maar wat is er in Ouder-Amstel?

Een vraag of opmerking naar aanleiding van dit stuk? Stuur vooral een mailtje naar fiannedeboer@blaauwberg.nl.

En houd de nieuwsbrief in de gaten voor het volgende cijfer in deze reeks!

Gerelateerde artikelen

Meer artikelen

Uitnodiging boekpresentatie

Uitnodiging boekpresentatie 'Green Glasses' We nodigen u graag uit voor de presentatie van ‘Green Glasses’, een boek over ‘internationals’ in de oude stad Leiden. Het boek is geschreven door Magdalena Palma, een Chileense journalist, [...]

Neem contact op

Neem contact met ons op via bijgaande contactgegevens. Wij komen spoedig met een reactie.

Inschrijven voor onze nieuwsbrief: