Regionaal inzicht en snel schakelen – wat een Blaauwberg rapport kon betekenen voor de ontwikkeling van het Leiden Bio Science Park

Door Ute Jansen en Aart van Bochove

Het Leidse Science Park dateert officieel van 1984. Toen werd de oorspronkelijke bestemming van het beoogde gebied, de Leeuwenhoek, – wonen – gewijzigd in werken. Die wijziging is achteraf een zeldzaam ‘window of opportunity’ geweest. De Leidse politiek had op dat moment alle aandacht nodig voor binnenstedelijke operaties: de stadsvernieuwing, de sociale gevolgen daarvan. Wat er aan de rand van de stad gebeurde, viel amper op. In die luwte was een handjevol deskundigen – ambtenaren, hoogleraren, ondernemers – een paar jaar eerder gaan nadenken over het toen nieuwe concept van een thematisch ‘science park’. Dat concept is een succes geworden. Een daverend succes zelfs. Op dit moment bedragen de gemiddelde jaarlijkse opbrengsten voor de gemeentelijke kassa van het park circa € 8,3 miljoen (vooral OZB, in mindere mate toeristenbelasting, grondverkopen en -verhuur) en geeft de Science Park werk aan meer dan 20.000 professionals.

Toch heeft het er om gespannen. Het Bio Science cluster had zich in de jaren 90 fors ontwikkeld en robuuste bedrijven aangetrokken. Dit soort clusters hebben steun nodig vanuit de omgeving: een meebewegende arbeidsmarkt, een vriendelijke publieke opinie, een ontwikkelingsgerichte ruimtelijke ordening die mogelijke uitbreiding van het park niet in de weg staat. Op dat laatste punt ging het in 2003 nog bijna mis. Er was op dat moment weinig politieke alertheid rondom het park en er was nog geen eigen ‘governance’, zoals er later met de Bio Science Park Foundation wel gekomen is.

De buurgemeente Oegstgeest was in die stilte een bestemmingsplanwijziging aan het voorbereiden, waarbij de beoogde toekomstige uitbreidingsruimte voor het park aan de westkant van de A44 een woonbestemming zou krijgen. Er kwam bij een regionaal actief adviesbureau een telefonische melding binnen van een bezorgde ambtenaar uit een buurgemeente van Oegstgeest, die vaststelde dat het ontwerp-bestemmingsplan ongemerkt een streep zou halen door de wat verdere toekomstplannen voor het sciencepark. Toen deze informatie bij de toenmalige Leidse KvK terecht kwam, werd dit met spoed naar het Ministerie van Economische Zaken doorgespeeld. Het ontwerp-bestemmingsplan was daar bekend, maar had niet tot alertheid geleid: er kwam geen signaal uit de regio – noch van een overheid noch van het bedrijfsleven – dat er iets mis was. Het Ministerie wilde graag een mening vormen, maar moest daar wel materiaal voor aangedragen krijgen. 

Dat is het Blaauwberg rapport “Life Sciences en Regio-identiteit: de business case Leiden” geworden, uit oktober 2003.

Dat rapport kreeg een dubbele gebruikswaarde. De eerste gebruikswaarde was het uitspreken van een veto over het ontwerpbestemmingsplan door de rijksoverheid, in de Provinciale Planologische Commissie. De Rijksoverheid heeft die bevoegdheid als het gaat om sleutelsectoren (zoals life sciences), maar maakt daar zelden gebruik van. Met de businesscase onder de arm, was er voldoende grond om dat deze keer wel te doen. Dat er nu – anno 2023 – volop gebouwd wordt aan het park aan de westkant van de A44, is dus mede mogelijk gemaakt door die actie uit 2003.

De tweede gebruikswaarde was het ontwerpen van een governance structuur voor het park. De toenmalige bestuursvoorzitter van Universiteit Leiden vertaalde het rapport in de noodzaak om een ‘launching platform’ in te richten. Dat is uiteindelijk de Leiden Bio Science Park Foundation geworden.

Het betreffende rapport hebben we nog in hard-copy beschikbaar.

De combinatie van open lijnen, een deels formeel en deels informeel netwerk, snelheid, parate kennis en improvisatie in 2003 heeft geleid tot voorwaarden waarin het Leiden Bio Science Park zich jarenlang in stabiliteit heeft kunnen ontwikkelen.

Gerelateerde artikelen

De Utrechtse Doorbraaktafel

De Utrechtse Doorbraaktafel: metafoor voor een over-ingewikkelde overheid De gemeente Utrecht heeft succes geboekt in de dienstverlening aan kleine ondernemers die tijdens en na de coronacrisis vermalen dreigden te worden door de overheidsregels. [...]

Terugblik: Leidenkunde voor Beheer en SO

Leidenkunde voor Clusters Beheer en Stedelijke Ontwikkeling Gemeente Leiden Door Ute Jansen In het voorjaar van 2023 hadden 65 medewerkers van de clusters Beheer en Stedelijke Ontwikkeling van de Gemeente Leiden de [...]

Een Blaauwberg rapport en het LBSP

Regionaal inzicht en snel schakelen – wat een Blaauwberg rapport kon betekenen voor de ontwikkeling van het Leiden Bio Science Park Door Ute Jansen en Aart van Bochove Het Leidse Science Park [...]

Buurman’s gras is altijd groener

Buurman's gras is altijd groener. Leren van verschillen tussen regio's Bron: Fieggentrio Voor een beroepssocioloog is die mode van de omgekeerde vlaggen een feest. Je kunt precies zien waar de perceeleigenaren politiek [...]

Gemeentelijke samenwerking: casus ABG

Samen met I&O Research staat Blaauwberg de gemeenten Alphen-Chaam, Baarle-Nassau en Gilze en Rijen (ABG-gemeenten) bij in keuzes rondom bestuurlijke samenwerking. Relevant en uitdagend werk, maar niet altijd even eenvoudig.

Meer artikelen

Waar zijn alle meisjes heen?

Waar zijn alle meisjes heen?: Mannen- en vrouwensteden na de verkiezingen Door Aart van Bochove In India is de opmars van vrouwen goed te zien. Ze gaan massaal de straat op om [...]

Een wachtkamer in de woestijn?

Een wachtkamer in de Afrikaanse woestijn? De opa van mijn echtgenote is in 1900 geboren. Hij verdiende zijn brood met de handel in olie. Niet wat we daar tegenwoordig onder verstaan – [...]

Verbeeldingskracht in Deurne

Verbeeldingskracht in Deurne Deurne start per 1 januari met een Ondernemersfonds. In een eerdere nieuwsbrief deelden we al de toegift die Rob op persoonlijke titel schreef over ‘zijn dorp’. Het ambitieniveau in Deurne [...]

Neem contact op

Neem contact met ons op via bijgaande contactgegevens. Wij komen spoedig met een reactie.

Inschrijven voor onze nieuwsbrief: