Wijzer worden na 3 uur vliegen

Via een stichting die gelieerd is aan Aart's politieke partij, word hij af en toe uitgezonden om een training te geven aan een groep jonge mensen in een nieuwe democratie ergens in Oost-Europa. Lees hier over zijn ervaringen in Bosnië.

Via een stichting die gelieerd is aan mijn politieke partij, word ik af en toe uitgezonden om een training te geven aan een groep jonge mensen in een nieuwe democratie ergens in Oost-Europa.


Deze keer was het Bosnië, het kleine land dat tussen 1992 en 1995 grondig werd verwoest in de grootste oorlog in Europa sinds 1945. Onlangs, vijftien jaar nadat internationale druk de wapens deed zwijgen, is die oorlog de actualiteit weer binnengerukt met de arrestatie van generaal Mladic en zijn gevangenzetting in Den Haag. We zullen weer gruwelijke verhalen horen uit het tribunaal, over de massamoord in Srebrenica, over het beleg van de hoofdstad Sarajevo, over de verwoesting van oud cultureel erfgoed, over de verkrachting van vrouwen en over wat er ook maar gebeurde in dat prachtige bergland. Eerst vochten de drie grootste groepen – (katholieke) Kroaten, (orthodoxe) Serviërs en (islamitische) Bosniaken – tegen elkaar. Na verloop van tijd sloten de Kroaten en de moslims een pact. Zo is het land nu ingericht: een moslim-kroatische deelrepubliek, met onderling behoorlijk zelfstandige kantons om de verschillen hanteerbaar te maken; en een Servische deelrepubliek, die redelijk centraal aangestuurd wordt. Een institutionele nachtmerrie van Belgische proporties. Heel veel politici die zeggenschap hebben over een paar bergdalen en onmachtig zijn om samen te werken met de heren van het dal even verderop.

 

Ik geef een training voor een jongerennetwerk, ongeveer 35 mensen uit alle drie groepen. Dat netwerk is een poging om van onderop, via normale contacten tussen burgers, tot een nieuwe naoorlogse samenhang te komen. Ik denk niet dat we met zo’n training de nieuwe politieke elite aan het opleiden zijn. Daarvoor staan deze jonge mensen te ver af van die bergpolitiek. Ze zijn behoorlijk opgeleid. Er is een tolk, maar driekwart van de deelnemers kan in het Engels discussiëren. En ze internetten zich suf. Ze worden wel journalist, consultant, gaan bij een NGO of aan een universiteit werken. Het is een alternatieve, niet-politieke route naar democratie.

 

Het onderwerp van de training is regionale economie. Ik heb de training zo ontworpen, dat er plaats is om te praten over een ‘open mind’, tolerantie, non-corruptie, belastingdiscipline, uitwisseling tussen minderheden, diversiteit, openheid in het onderwijs en andere burgerlijke verworvenheden van een democratie. De strekking is dat dat allemaal niet alleen politieke verworvenheden zijn, maar ook economische noodzakelijkheden. Ik ga de Bosniërs niet lastig vallen met onze Nederlandse anti-islam partij de PVV. Maar veel van de stemmers op de PVV wonen in stagnatie-, krimp- en vergrijzingsgebieden. Daar zijn openheid, nieuw elan, sterk onderwijs, nieuwe ‘hospitality’ en nieuw menselijk kapitaal hard nodig. In een economie die op kennis draait, is een keuze voor het bolwerk tegen de buitenwereld een krachtig schot in eigen voet.

 

Over anti-islam gesproken. De Bosnische islam is geen import van buiten, maar heeft zich eeuwen lang als eigen Europese islam ontwikkeld. Sarajevo werd ooit het Jeruzalem van de Balkan genoemd, omdat moskeeën, katholieke kerken, orthodoxe kerken en synagogen op elkaar uitkeken. Ik belandde in het joodse museum in Sarajevo. Daar wordt er bescheiden aan herinnerd waar de joden van Bosnië vandaan kwamen: ze werden in 1492 het katholieke Spanje uit gezet. Ze kwamen via omzwervingen naar het protestantse Nederland. En dus ook naar het islamitische Bosnië. Het kan raar lopen in de geschiedenis. En nog zo’n bijzonder detail: nog in de twintigste eeuw bracht de joodse gemeenschap in Sarajevo getalenteerde schrijvers voort. Die in het Spaans schreven…

 

Ik wil niet teveel naar de etnische afkomst van de deelnemers aan de training vragen. Ze zijn juist bij elkaar omdat ze de grenzen willen overschrijden en het nationalisme van het bergdal achter zich willen laten. Hun gedrag is volkomen seculier. Alleen het niet-gebruik van alcohol – ook niet bij de avondmaaltijd - is een hint dat er veel moslims in de groep zitten.
Islamitisch is zeker Elvis Kondžić, een van mijn begeleiders. De man die me wees op het joods museum. En op de orthodoxe en katholieke kerken. “Er komen veel buitenlanders hier hun kunstje doen. En weg zijn ze weer. Jij niet. Jij blijft maar vragen stellen over onze geschiedenis. Dat vinden we erg prettig”, complimenteert hij mij.

 

Elvis komt uit Servisch gebied. Zijn familie heeft er een huis en land. Die staan leeg. De eigendomsrechten zijn weliswaar weer hersteld en de fysieke veiligheid is ook redelijk. Maar een baan krijgen in een gebied waar je eigen etniciteit niet in de meerderheid is, is nog lastig. Dus wonen Elvis en zijn familie in de hoofdstad. Hij bracht de oorlog door in ballingschap, in Duitsland. Daar deed hij een technische opleiding. Een democratische politieke vorming bracht hem er toe geen technische loopbaan te gaan volgen, maar als een soort politiek opbouwwerker terug te gaan naar Bosnië. Binnen enkele dagen nadat de wapens zwegen was hij terug, eerst in Servisch gebied in Bosnië, later in Belgrado. “Was je niet bang?”, vraag ik hem. “Ik was vreselijk bang”, antwoordt hij. “Maar ik kwam vanaf het begin mensen tegen die blij waren dat het allemaal over was. Er zijn nog steeds extremisten, ook onder de allerjongste generatie. Maar het worden er minder. De politici maken van alledaagse dingen nog politieke kwesties. Zodra ze daarmee stoppen, komt er ruimte. De laatste oorlogsmisdadigers zitten nu ook vast. Dat ontneemt de extremisten het vuur. Je kunt je druk maken over een held in de bergen. Maar als die held een oude man blijkt te zijn in de gevangenis in Den Haag, houdt het wel een keer op”.

 

Ik krijg bij het afscheid twee boeken van hem mee, allebei uit 2010.
Het eerste boek is een catalogus van een fototentoonstelling, waarvan hij mede-producent was. Het zijn foto’s over de opening van de massagraven, verspreid door het land. Botten met de kleren er nog aan. Bemodderde schoenen. Witte doeken om de overblijfselen te ordenen. Ernstige blikken bij de identificatie. Een boven de nieuwe grafkisten peinzend oud-president Clinton. Het tweede boek is om mij een andere, betere kant van Bosnië te laten zien. Het is een boek over de Bosnische Rechtvaardigen Onder De Volkeren. De Rechtvaardigen Onder De Volkeren - de ‘Righteous Among The Nations’- is de Israëlische onderscheiding voor niet-joden, die in de Tweede Wereldoorlog hun leven waagden om joden te redden.

 

Ik schreef al dat ik mijn Bosnische gastheren niet lastig wilde vallen met onze Nederlandse anti-islam partij. Maar ik zou wel iets anders willen doen. Ik zou Elvis Kondžić en een paar van zijn vrienden een maand naar Nederland willen halen. Laten rondlopen op de plekken waar de PVV-kiezers wonen. Naar het politieke debat laten kijken en de redeneringen aanhoren. En na die maand ons vertellen wat ze gezien hebben. Ik denk dat wij daar wijzer van worden.

 

Aart van Bochove
Directeur beleidsadviesbureau Blaauwberg
Trainer Eduardo Frei Stichting


Terug naar het overzicht

Meer informatie over de Eduardo Frei Stichting, Aart's werkzaamheden of Bosnië?

 

E aartvanbochove@blaauwberg.nl

W Eduardo Frei Foundation

 
 

Meer Blaauwberg?

Meld u nu aan voor de (gratis) Blaauwberg nieuwsbrief. U ontvangt driemaal per jaar een afwisselend aanbod aan thematische diepgang, analyse en good-practice. Enkele onderwerpen; regionale economische structuurversterking, werken met het clustermodel, de Lissabon doelstelling en uw regio, bestuurlijke samenwerking in de praktijk, ondernemerschap als drager van het voorzieningenniveau en economische dynamiek als sleutelbegrip voor bestrijding jeugdwerkloosheid.