Onbegrepen gedrag: wie begrijpt hier wie niet?

Laatst sprak ik met iemand over het taalgebruik in het domein van zorg en veiligheid. Over één woord in het bijzonder: we spreken tegenwoordig niet meer over verwarde personen maar over personen met onbegrepen gedrag. We vonden het allebei goed te begrijpen. Je wilt mensen niet stigmatiseren. Maar we vonden er allebei ook iets verbloemends in zitten. En vooral: klopt het eigenlijk wel?

De redenering achter de nieuwe term is helder. Psychiater Elnathan Prinsen vatte hem – in 2022 alweer – bondig samen: een persoon kan verward zijn, gedrag niet. En het woord ‘onbegrepen’ zegt ook iets over degene die kijkt. Het maakt er een gedeeld probleem van. Hij wijst erop dat de politie heel verschillende soorten problematiek registreert onder hetzelfde verward gedrag-begrip (een E33-melding).

Het is ook een misverstand dat het vooral om een toename van psychiatrische problematiek op straat gaat. Het aantal meldingen bij de GGZ-crisisdienst neemt op lange termijn af, terwijl het aantal E33-meldingen juist spectaculair toeneemt. Er zijn dus meer meldingen over onbegrepen gedrag dat geen psychiatrische achtergrond heeft, zoals mensen onder invloed, dakloosheid of dementerende ouderen.

Prinsen heeft overduidelijk een punt. De term onbegrepen gedrag is dan ook snel doorgedrongen in beleidsstukken, subsidieprogramma’s en functiebeschrijvingen.

Maar toch blijft er bij mij iets knagen rond die term “onbegrepen”. Wat is dat toch?

xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

Erving Goffman: niet onbegrepen, maar verstoring van de orde


Daarvoor ga ik te rade bij Erving Goffman, de socioloog van de kleine ontmoeting. In Stigma (1963) beschreef hij hoe wij, ‘normalen’, in het contact met gestigmatiseerden voortdurend bezig zijn met tact. Die tact, zo is de ongemakkelijke pointe, dient vooral ons eigen ongemak. Maar wie een vriendelijker woord kiest, heeft nog niets aan de positie van de ander veranderd.

Goffman laat verder zien dat wat wij psychiatrische symptomen noemen, in het dagelijks leven vooral wordt ervaren als situationele ongepastheid: een inbreuk op de stilzwijgende regels van het huishouden, de straat, de trein of een andere maatschappelijke setting. Niet de diagnose maakt dat de buren de politie bellen, maar de ontwrichting van een orde waar iedereen op rekent.

Cover van Erving Goffman’s “Stigma”. 

Daarmee komen we bij wat er wringt. De wijkagent, de boa, de conducteur, de woonconsulent – die begrijpen dat gedrag doorgaans uitstekend is. Ze herkennen de psychose, de verslaving, de dementie, de man die zijn medicatie niet meer haalt omdat hij zijn brieven niet meer opent. Wat hun ontbreekt, is geen begrip. Wat ontbreekt, is een handelingsperspectief, een plek om iemand naartoe te brengen.

Wat de term onbegrepen gedrag over ons zegt

Daar zit het verbloemende in. ‘Onbegrepen’ verplaatst het tekort van de persoon naar het begrip. Dat klinkt bescheiden, maar het is ook wel erg comfortabel. Onbegrip is namelijk een probleem dat je kunt oplossen met kennis: een training, een handreiking, een e-learning of een pilot. Terwijl het werkelijke tekort duurder is en veel taaier – te weinig bedden, te weinig onvoorwaardelijke woonplekken met 24-uursbegeleiding, te weinig organisaties die zich verantwoordelijk verklaren voor wie in niemands hokje past.

Bovendien is de houdbaarheid beperkt. Zwakzinnig werd geestelijk gehandicapt, werd verstandelijk beperkt. Elke nieuwe term begint fris en kleurt binnen een jaar of tien mee met de zaak die hij aanduidt.
Zolang de zaak niet verandert, verandert alleen het woord – dan zijn we over tien jaar op zoek naar de opvolger van ‘onbegrepen’.

Ik pleit niet voor terugkeer naar ‘verward’. Wel voor een eerlijker toets. De vraag bij een term is niet of hij aardig klinkt, maar of hij het handelen scherper maakt. ‘Onbegrepen gedrag’ wijst op een tekort aan kennis. Zolang we in de kern kampen met een tekort aan opvang en hulp, wijst het woord de verkeerde kant op. Misschien moeten we het gewoon ongeholpen gedrag noemen. Dat adresseert de juiste partij: onszelf.

Gerelateerde artikelen

South Africa at a Crossroads

South Africa at a Crossroads  De Nederlanse versie is onderaan het artikel te vinden I Love South Africa, But I’m Scared   A South African trying to explain a country that even South [...]

Meer artikelen

Een woedende vriendin. Eindelijk

Een woedende vriendin. Eindelijk. Ik heb een vriendin van Turkse komaf. Ik noem haar in dit verhaal A. Ik ken haar inmiddels bijna 35 jaar. Ik heb haar nog nooit zonder hoofddoek [...]

Deel 1: de aanstaande bevolkingskrimp

Deel 1: de aanstaande bevolkingskrimp In de vorige Blaauwdruk schreef ik mijn verbazing uit over de razendsnelle daling van de vruchtbaarheid in Turkije, van net boven de vervangingsratio van 2.1 kind per vrouw [...]

Neem contact op

Neem contact met ons op via bijgaande contactgegevens. Wij komen spoedig met een reactie.

Inschrijven voor onze nieuwsbrief: